Ga naar website navigation Ga naar artikel navigatie Ga naar inhoud

Toelichting op de geconsolideerde balans

1. Immateriële vaste activa

      

Bedragen x € 1.000

      
 

Beurstitels

Goodwill

Software

Overige

Totaal 2020

Totaal 2019

Stand per 1 januari

      

Aanschaffingswaarde

31.136

4.353

9.370

500

45.359

44.345

Cumulatieve afschrijvingen

      

en waardeverminderingen

-30.038

-4.353

-6.584

-500

-41.475

-39.528

Boekwaarde per 1 januari

1.098

0

2.786

0

3.884

4.817

       

Verloop in het boekjaar

      

Investeringen

0

0

316

0

316

1.805

Desinvesteringen

0

0

-5.005

0

-5.005

-797

Afschrijvingen

-549

0

-884

0

-1.433

-2.381

Terugboeking cumulatieve afschrijving

      

wegens desinvestering

0

0

5.005

0

5.005

797

Waardeverminderingen

0

0

-244

0

-244

-366

Overige mutaties

0

0

-1

0

-1

9

Boekwaarde per 31 december

549

0

1.973

0

2.522

3.884

Stand per 31 december

      

Aanschaffingswaarde

31.136

4.334

4.660

500

40.630

45.359

Cumulatieve afschrijvingen

      

en waardeverminderingen

-30.587

-4.334

-2.687

-500

-38.108

-41.475

Boekwaarde per 31 december

549

0

1.973

0

2.522

3.884

De resterende waarde van de beurstitels betreft internationale activiteiten en wordt in 5 jaar afgeschreven.

Goodwill wordt in 10 jaar afgeschreven. Deze afschrijvingstermijn is bepaald op basis van verwachte toekomstige rendementen en een inschatting van de zekerheid hiervan.

Voor een bedrag van € 5,0 mln. aan software is buiten gebruik gesteld en derhalve gedesinvesteerd. De boekwaarde van deze software per 1 januari 2020 was € 0,8 mln.

2. Materiële vaste activa

       

Bedragen x € 1.000

       
 

Gebouwen en terreinen

In uitvoering

Machines, installaties en inventaris

ICT-middelen

Transport-middelen

Totaal 2020

Totaal 2019

Stand per 1 januari

       

Aanschaffingswaarde

245.019

5.584

21.736

7.610

376

280.325

280.937

Cumulatieve afschrijvingen

       

en waardeverminderingen

-168.121

0

-19.609

-6.376

-234

-194.340

-192.639

Boekwaarde per 1 januari

76.898

5.584

2.127

1.234

142

85.985

88.298

        

Verloop in het boekjaar

       

Investeringen*

3.848

2.487

342

2.739

0

9.416

6.323

Desinvesteringen

-3.959

-1.832

-1.546

-342

-5

-7.684

-6.927

Gereedgekomen

765

-806

19

22

0

0

0

Afschrijvingen

-6.642

0

-788

-1.080

-29

-8.539

-8.581

Terugboeking cumulatieve afschrijving

       

wegens desinvestering

3.959

1.531

1.542

338

5

7.375

6.927

Waardeverminderingen

-192

-1.531

0

0

0

-1.723

-51

Overige mutaties

0

0

-6

-3

-3

-12

-4

Boekwaarde per 31 december

74.677

5.433

1.690

2.908

110

84.818

85.985

Stand per 31 december

       

Aanschaffingswaarde

245.673

5.433

20.509

9.987

365

281.967

280.325

Cumulatieve afschrijvingen

       

en waardeverminderingen

-170.996

0

-18.819

-7.079

-255

-197.149

-194.340

Boekwaarde per 31 december

74.677

5.433

1.690

2.908

110

84.818

85.985

  • * De netto investering in materiële vaste activa als gevolg van investeringen en desinvesteringen bedraagt € 9.107.

De boekwaarde van de gebouwen en terreinen

    
  

2020

 

2019

Terreinen

 

29.600

 

29.600

Expositiegebouwen

 

42.961

 

45.387

Parkeervoorzieningen

 

922

 

509

Overige gebouwen en bouwkundige voorzieningen

 

1.194

 

1.402

  

74.677

 

76.898

In 2016 is er een grondruilovereenkomst met de gemeente Utrecht gesloten. De grondruil bestond uit twee delen. De gemeente heeft aan Jaarbeurs de gronden waar de toekomstige activiteiten plaatsvinden (westelijk deel) in eeuwigdurende erfpacht gegeven.
De gemeente heeft van Jaarbeurs hal 1, parkeerplaatsen (het oostelijk deel van het terrein) en gronden grenzend aan de Van Zijstweg in eigendom verworven. Jaarbeurs heeft tot 1 januari 2023 het gebruiksrecht van deze terreinen. Hierna kan de gemeente dit gebied ontwikkelen. 

Vrijwel alle expositiegebouwen staan op in erfpacht verkregen grond. De looptijd van de erfpachtcontracten is deels eeuwigdurend en deels tot 2070 (Beatrixgebouw).

De waardeverminderingen vaste activa hebben met name betrekking op kosten welke in voorgaande jaren zijn gemaakt ten behoeve van de ontwikkeling van het masterplan.

Per balansdatum is er voor € 2,4 mln. aan activa in bestelling.

3. Financiële vaste activa

     
 

Deelnemingen

Latente belastingen

Overige vorderingen

Totaal 2020

Totaal 2019

Stand per 1 januari

344

4.128

2.877

7.349

7.498

Investeringen

9

2.220

0

2.229

344

Desinvesteringen

0

0

-12

-12

-493

Stand per 31 december

353

6.348

2.865

9.566

7.349

De latente belastingen hebben voornamelijk betrekking op een fiscaal afwijkende waardering van de materiële vaste activa. Ze hebben een overwegend langlopend karakter. 

Het saldo per 31 december 2020 van de overige vorderingen betreft een langlopende vordering op de gemeente Utrecht (€ 2,3 mln.) uit hoofde van de grondruilovereenkomst uit 2016 alsmede een in 2012 verstrekte lening aan het Helen Dowling Instituut (€ 0,6 mln.) ter medefinanciering van zijn maatschappelijke activiteiten. In 2018 zijn nieuwe afspraken gemaakt met het Helen Dowling Instituut, waarin is bepaald dat de lening in 30 jaar wordt afgelost en dat de rentevergoeding vanaf 2018 1% per jaar bedraagt.

4. Vorderingen

    
  

2020

 

2019

Handelsdebiteuren

 

7.329

 

20.124

Vooruitbetaalde kosten

 

8.119

 

11.212

Vennootschapsbelasting

 

110

 

100

Overige belastingen

 

1.081

 

0

Overige vorderingen

 

4.516

 

2.808

  

21.155

 

34.244

Het merendeel van de vorderingen vervalt binnen 1 jaar. De hoogte van de voorziening voor mogelijke oninbaarheid van  handelsdebiteuren is thans € 2,1 mln. (2019: € 2,2 mln.). Deze voorziening is verantwoord onder de handelsdebiteuren. 

De vooruitbetaalde kosten hebben met name betrekking op beurzen en activiteiten welke na 31 december worden gehouden alsmede met de vooruitbetaalde huur voor de parkeerterreinen P1 en P3 welke in het kader van de grondruilovereenkomst eigendom van de gemeente zijn geworden. Een bedrag van € 0,5 mln. aan vooruitbetaalde kosten heeft betrekking op een periode > 1 jaar. 

In de overige vorderingen is een bedrag van € 2,7 mln. begrepen als zijnde nog te ontvangen in het kader van de NOW-regeling.

5. Liquide middelen

De totale liquide middelen van € 80,3 mln. bestaan voor € 23,9 mln. (2019: € 52,5 mln.) uit deposito’s met termijnen variërend van 1 tot 6 maanden, waarvan € 9,3 mln. ter vrije beschikking staat.

6. Eigen vermogen

 
   

2020

  

2019

Stand per 1 januari

  

151.615

  

139.240

       

Nettoresultaat

 

-12.374

  

12.383

 

Koersverschillen groepsmaatschappijen

 

-154

  

-8

 
       

Totaal resultaat

  

-12.528

  

12.375

       

Stand per 31 december

  

139.087

  

151.615

7. Minderheidsbelang derden

 
  

2020

 

2019

Stand per 1 januari

 

3.345

 

2.793

Uitgekeerd dividend

 

-2.366

 

-2.067

Resultaat boekjaar

 

1.714

 

2.893

Koersverschillen

 

-34

 

-31

Investeringen

 

0

 

0

Desinvesteringen

 

-139

 

-243

Stand per 31 december

 

2.520

 

3.345

Het minderheidsbelang derden bestaat ultimo 2020 met name uit het minderheidsbelang van 30% in VNU Exhibitions Asia Ltd.

8. Voorzieningen

 
 

Reorganisatie-voorziening

 

Overige voorzieningen

 

Totaal 2020

 

Totaal 2019

        

Stand per 1 januari

350

 

3.888

 

4.238

 

5.469

Toevoeging

3.182

 

99

 

3.281

 

649

Onttrekking

-350

 

-328

 

-678

 

-1.880

Stand per 31 december

3.182

 

3.659

 

6.841

 

4.238

De reorganisatievoorziening per 31 december 2020 betreft verplichtingen uit hoofde van aanpassingen van de organisatie en is inclusief advies- en begeleidingskosten. De last voor het jaar is opgenomen in de overige personeelkosten. 

In de overige voorzieningen zijn o.a. opgenomen een voorziening voor milieu-aanpassingen (€ 2,0 mln.), een voorziening voor asbestsaneringswerkzaamheden (€ 0,6 mln.) en een voorziening voor het verwijderen van rioolbuizen (€ 0,6 mln.).

De voorzieningen hebben deels een kortlopend maar overwegend een langlopend karakter.

9. Kortlopende schulden

 
  

2020

 

2019

Vooruitgefactureerde opbrengsten

 

28.646

 

39.672

Handelscrediteuren

 

12.481

 

11.539

Vennootschapsbelasting

 

1.704

 

5.782

Overige belastingen en premies sociale verzekeringen

 

1.561

 

4.298

Pensioenfonds

 

277

 

0

Overige schulden

 

5.336

 

8.922

  

50.005

 

70.213

De maximale kredietfaciliteit bij kredietinstellingen bedraagt € 3,5 mln. (2019: € 3,5 mln.).

De vooruitgefactureerde opbrengsten hebben betrekking op beurzen en activiteiten welke na 31 december worden gehouden.

De kortlopende schulden hebben een looptijd korter dan 1 jaar.

Financiële instrumenten

Algemeen

De onderneming maakt in de normale bedrijfsuitoefening gebruik van uiteenlopende financiële instrumenten die de onderneming blootstelt aan marktrisico (inclusief valutarisico), kredietrisico en liquiditeitsrisico. De met deze financiële instrumenten verbonden risico’s en het beleid om deze risico’s te beperken zijn hieronder toegelicht.

Kredietrisico

Het mogelijke kredietrisico ten aanzien van vorderingen in financiële vaste activa en handels- en overige vorderingen wordt voortdurend bewaakt. Indien nodig wordt een voorziening genomen. Per einde boekjaar is er geen belangrijke concentratie van kredietrisico aanwezig en is de benodigde voorziening gering.

Renterisico

Omdat er geen noemenswaardige opgenomen leningen zijn is er geen renterisico. Ook niet met betrekking tot de beschikbare liquiditeiten omdat deze tegen een risicoloze rentevergoeding bij kredietwaardige banken worden weggezet.

Valutarisico

Als gevolg van de internationale activiteiten loopt de onderneming, uit hoofde van de in de balans opgenomen vorderingen en schulden op buitenlandse ondernemingen en toekomstige transacties, valutarisico met betrekking tot de Chinese Renminbi en de Thaise Baht.. Het beleid van de onderneming is, gezien de geringe omvang van de buitenlandse activiteiten en het merendeels herinvesteren van de beschikbare liquiditeiten in de landen zelf, om geen van in de balans opgenomen vorderingen en schulden af te dekken.

Prijsrisico

De onderneming heeft in 2020 geen genoteerde beleggingen en kent als gevolg daarvan geen prijsrisico.

Liquiditeitsrisico

De onderneming gebruikt geen externe financiering en ziet erop toe dat de aanwezige liquide middelen steeds voldoende beschikbaar zijn door gebruik te maken van deposito’s met een voornamelijk korte looptijd. De waarde van de liquide middelen zijn reëel.

Kasstroomrisico

De onderneming voorziet geen risico dat toekomstige kasstromen verbonden aan een financieel instrument zullen fluctueren in omvang.
De reële waarde van de financiële instrumenten wordt bepaald door de verwachte kasstromen contant te maken tegen een disconteringsvoet die gelijk is aan de geldende risicovrije marktrente voor de resterende looptijd vermeerderd met krediet- en liquiditeitsopslagen. De reële waarde van de in de balans verantwoorde financiële instrumenten, waaronder vorderingen, liquide middelen, langlopende en kortlopende schulden, benadert de boekwaarde ervan.

Niet in de balans opgenomen verplichtingen

Meerjarige financiële verplichtingen

Er zijn langlopende onvoorwaardelijke verplichtingen aangegaan ter zake van erfpacht, huur en operationele leasing. Deze verplichtingen kunnen naar aard en looptijd als volgt worden gespecificeerd (in mln. €):

Niet uit de balans blijkende verplichtingen

 
 

< 1 Jaar

 

1-5 Jaar

 

> 5 Jaar

 

Totaal

Erfpacht

0,1

 

0,3

 

3,3

 

3,7

Huur

0,7

 

3,1

 

-

 

3,8

Operationele leasing

0,2

 

0,2

 

-

 

0,4

 

1,0

 

3,6

 

3,3

 

7,9

Het merendeel van de terreinen is in erfpacht verkregen, deels eeuwigdurend en deels tot 2070.
De jaarlijkse huurverplichtingen hebben een gemiddelde resterende looptijd van ca. 3 jaar en betreffen voornamelijk pandhuur- verplichtingen. Van de jaarlijkse operationele leaseverplichtingen betreft het merendeel autolease-verplichtingen met een gemiddelde resterende looptijd van 2,4 jaar.

Belastingen

Vennootschapsbelasting

De vennootschap vormt samen met alle in de geconsolideerde jaarrekening opgenomen 100% groepsmaatschappijen een fiscale eenheid voor de vennootschapsbelasting. De vennootschap is hoofdelijk aansprakelijk voor de fiscale schulden van de fiscale eenheid als geheel.

Omzetbelasting

Voor de omzetbelasting is er een fiscale eenheid gevormd bestaande uit Jaarbeurs Vastgoed B.V., Jaarbeurs B.V., Jaarbeurs Catering Services B.V., JaarbeursCateringJobs B.V. en VNU Exhibitions Europe B.V.